Wet DBA een zegen of een probleem

De wet DBA: een zegen of een probleem

De Wet DBA: een zegen voor de zelfstandige of een probleem voor de opdrachtgever?

Sinds 1 mei 2016 is de Wet DBA (Wet Deregulering beoordeling Arbeidsrelatie) van kracht. De wet doet veel stof opwaaien, en terecht. De VAR verklaring is afgeschaft en daarmee is de vrijwaring Verklaring Arbeidsrelatie komen te vervallen. Deze regelgeving is daarmee van inkomstenbelasting overgebracht naar loonbelasting, wat betekent dat de opdrachtgever, als vastgesteld wordt dat er sprake is van een loondienstverband, alsnog aangeslagen kan worden voor de loonheffingen. Het betaalde tarief wordt dan gebruteerd. Dit kan dan leiden een naheffing even groot als het tarief. Misschien kan nog een stukje teruggehaald worden bij de ZZP-er, maar dat zal niet veel zijn. Dit hangt af van de afspraken in de overeenkomst. En uiteindelijk valt van een kale kip niet te plukken.

Aangezien de belastingdienst tot 1 mei 2017 niet (te veel) zal controleren, is het nu tijd om de bakens te verzetten.

Terug in de periode

Goed beschouwd zijn we weer terug in de periode van voor 2005. Toen gold ook geen vrijwaring. En het totaal van regelgeving betreffende ZZP-ers of freelancers is niet veel gewijzigd.

Veel van de angst voor de risico’s is het gevolg van de vraag wat nu precies zelfstandigheid is en waar de loondienstsituatie begint.

De eisen op hoofdlijnen:

  1. Zelfstandig (loon, gezag en arbeid)
  2. Meerdere opdrachtgevers
  3. Aanneming van werk of het aanvaarden van opdrachten (middels een modelovereenkomst)
  4. Eigen verzekeringen (aansprakelijkheid, evt. pensioen)
  5. Niet werkend onder leiding en toezicht van de opdrachtgever

Met onderstaand voorbeeld kan het verschil duidelijk worden.

De “echte” zelfstandige stukadoor

Een aannemer die een muur laat stuken door een stukadoor kan daarbij kiezen voor een werknemer in loondienst of voor een ZZP-er.

Situatie 1: Tegen de werknemer zal de aannemer zeggen:
Hier heb je gereedschap, materiaal en een muur van 40 m2.
Over 4 uur ben ik terug en dan verwacht ik dat hij klaar is.

Situatie 2: Tegen de ZZP-er zal de aannemer zeggen:
Hier is een muur van 40 m2.
We hebben één prijs voor het aangenomen werk afgesproken.
Over één week komt de schilder en dan moet de muur strak en droog zijn.

Als in de 1e situatie de muur niet strak en droog is, dan moet de aannemer het voor eigen rekening over laten doen door zijn werknemer.

Als in de 2e situatie de muur niet strak en droog is, dan doet de ZZP-er het overnieuw uit eigen zak.

In dit voorbeeld zie je de verschillende behandeling tussen iemand in loondienst en een ZZP-er.
Het maakt ook duidelijk dat het gaat om de feiten en omstandigheden.

Wanneer het gaat om een voorbeeld waarbij de functie financieel analist wordt genomen is dit natuurlijk minder duidelijk, maar juist in de sfeer van Cao-lonen zijn de risico’s het grootst.

Er is nog een ander criterium en dat is het tarief.
Als het tarief veel lager is dan de kostprijs van iemand die hetzelfde werk in loondienst doet dan is dat merkwaardig. Wanneer de betreffende ZZP-er een `normaal` leven wil leiden en zich wil kunnen verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid en aansprakelijkheid, kan het tarief niet veel afwijken van de kostprijs van een loondienstmedewerker.

Hoewel het gaat om feiten en omstandigheden, vind ik de papieren situatie niet onbelangrijk.
We komen nogal eens de situatie tegen dat een uitzendbureau met ZZP-ers werkt.
Met de ZZP-er is dan een overeenkomst van opdracht gesloten en met de opdrachtgever een detacheringsovereenkomst of uitzendbevestiging.

Dat kan niet.

Detacheren is ter beschikking stellen van arbeidskrachten. Dat is per definitie werken onder leiding en toezicht. In zo’n situatie kan je moeilijk uitleggen dat de feitelijke omstandigheden toch anders zijn.

Het is ook zeker verstandig om goed vast te stellen wat de bedoeling is van partijen, niet op de eerste plaats tegenover de belastingdienst, maar ook tussen partijen zelf. Het is vervelend om achteraf te constateren dat je elkaar verkeerd begrepen hebt, zeker als er scherven te verdelen zijn.

Mijn tip is: maak op basis van de nu al bestaande modelovereenkomsten een goede overeenkomst. En vergewis je ervan dat in zelfstandigheid gewerkt wordt, ook nu de belastingdienst nog niet precies heeft aangegeven wat daar de criteria voor zijn.

Met gezond verstand kan je ver komen, een zegen bij toekomstige potentiële problemen.

Theo van Leeuwen
Directeur Bureau Cicero