Berichten

Kun je werk uitbesteden aan in het buitenland gevestigde ZZP´ers?

Weet waar je op moet letten!

De regelgeving met betrekking tot het zakendoen met zelfstandigen vind ik af en toe bijna niet meer uit te leggen. De Verklaring arbeidsrelatie is in 2014 afgeschaft omdat deze te gemakkelijk kon worden verkregen en naar de mening van de wetgever er ten onrechte geen enkel risico bij de opdrachtgever lag.

De Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA) die hiervoor in de plaats getreden is wordt alweer vervangen (mogelijk pas in 2021) en op dit moment wordt deze niet actief gehandhaafd.

In een notendop komt het neer op de vraag of je als opdrachtgever aansprakelijk kan worden gehouden voor de inhouding en afdracht van loonheffingen en premies werknemersverzekeringen. Binnen Nederlandse verhoudingen is dit dus al lastig te bepalen, maar hoe zit het als een inwoner van een ander EU-land zich meldt als zelfstandige? In deze blog zal ik u hierover meer uitleg geven.

Een buitenlandse zelfstandig ondernemer is zelfstandig ondernemer.

Binnen de EU kennen we de vrijheid van diensten. Dat betekent feitelijk dat een in het buitenlands gevestigde zelfstandige ook in Nederland zijn diensten mag aanbieden. Voor de bepaling of je als opdrachtgever al dan niet het risico loopt loonheffingen te moeten inhouden en afdragen, zijn de regels ingevolge de Wet DBA van toepassing. Dat betekent dat je als opdrachtgever in de eerste plaats met de buitenlandse zelfstandige een door de Nederlandse belastingdienst positief beoordeelde modelovereenkomst moet sluiten. Daarnaast moet je voldoende beheersmaatregelen nemen om te borgen dat je inderdaad te maken hebt met een zelfstandige en dat de daadwerkelijk te verrichten werkzaamheden overeenkomen met de in de modelovereenkomst geschetste omstandigheden.

Gebruik een positief beoordeelde modelovereenkomst.

Door ondernemingen wordt ons soms de vraag gesteld of het wel nodig is om een modelovereenkomst te hanteren, er wordt nu toch niet gehandhaafd? Het antwoord hierop is: ja! Op dit moment past de belastingdienst geen actief handhavingsbeleid toe, maar dit geeft geen zekerheid dat je als opdrachtgever niet wordt aangesproken voor de loonheffingen. Zeker niet in de relatie tot inwoners van andere EU-landen die hun diensten in Nederland aanbieden. In een recent onderzoek door de belastingdienst bij een groep opdrachtgevers stelde de belastingdienst vast dat in meer dan de helft van de gevallen de opdrachtgever de regels van de Wet DBA niet goed toepaste. Mede met het oog hierop, en de mogelijk lange duur tot dat er een opvolger voor de Wet DBA is, zal de belastingdienst nog nader bepalen wanneer en hoe het handhavingsmoratorium zal worden afgebouwd.

Bij een opdrachtnemer, zowel een inwoner van Nederland of een inwoner van een ander EU-land, is het de vraag of deze persoon een zelfstandig bedrijf of beroep uitoefent en of de te verrichten werkzaamheden wel in deze hoedanigheid plaatsvinden. De Wet DBA is op dit moment de geldende wetgeving met betrekking tot zelfstandigen. De NEN 4400-1 norm vereist de toepassing van een positief beoordeelde modelovereenkomsten om inhouding en afdracht van loonheffingen te voorkomen.

Wat een opdrachtgever kan doen, is een positief beoordeelde modelovereenkomst gebruiken. Beoordeel eerst of de opdracht zelf in zelfstandigheid uitgevoerd kan worden. Het handboek loonheffingen geeft hiertoe handvaten. Leg in de modelovereenkomst deze opdracht die uitbesteedt wordt aan de ZZP’er zo nauwkeurig mogelijk vast en schets (binnen de ruimte die bij de modelovereenkomsten bestaat om aanpassingen en aanvullingen te doen) de toepasselijke omstandigheden.

Werken met een in het buitenlandse gevestigde ZZP’er vereist extra aandacht voor beheersmaatregelen inzake de zelfstandigheid.

Voorkomen moet worden dat je als opdrachtgever later het verwijt krijgt dat je er ten onrechte van bent uitgegaan dat er geen loonheffingen verschuldigd waren. In de eerste plaats moet je borgen dat hetgeen in de (model)overeenkomst van opdracht is beschreven overeenkomt met de daadwerkelijk verrichte werkzaamheden. Hierbij zul je extra moeten opletten indien de buitenlandse zelfstandige wordt ingezet op een opdracht die eerst door een andere onderneming aan de opdrachtgever is verstrekt. Er is dan sprake van tussenkomst. Hiertoe is er een specifiek aantal modelovereenkomsten goedgekeurd en te downloaden op de site van de belastingdienst.

In een dergelijke situatie zul je moeten kunnen laten zien dat de door de ‘hoofdopdrachtgever’ verstrekte opdracht op één lijn ligt met de aan de buitenlandse zelfstandige verstrekte opdracht. Daarbij dient de opdracht en de hieraan verbonden werkzaamheden te passen in de zelfstandige bedrijfs- of beroepsuitoefening van de ZZP’er.

In de tweede plaats is het raadzaam om zoveel mogelijk zekerheid te verkrijgen over de zelfstandige bedrijfs- en beroepsoefening in het andere land. Controleer bijvoorbeeld de inschrijving in het buitenlandse handelsregister, check de website van de zelfstandige en vraag om referenties en controleer deze.
Vraag bijvoorbeeld ook om diploma’s of certificaten waaruit de expertise van de ZZP’er blijkt. Beoordeel of er verzekeringen voor aansprakelijkheid van bedrijf of beroep van de ZZP’er noodzakelijk zijn en of deze aanwezig zijn c.q. dekking bieden in Nederland. Controleer of de gegevens van de onderneming van de ZZP’er gelijk zijn op zowel de overeenkomst, het uittreksel handelsregister, het BTW nummer (www.vies.eu) en de bankrekening. Onderzoek hoeveel eerdere opdrachtgevers de ZZP’er gehad heeft. Op deze wijze vormt zich een beeld waaruit blijkt of de ZZP’er zelfstandige is of mogelijk toch een schijnzelfstandige blijkt te zijn.

In het buitenland is het niet ongebruikelijk voor ZZP’ers om via een derde (Umbrella-company) te factureren. De NEN 4400-1 norm vereist dat de zelfstandige direct aan uw onderneming factureert en dat u direct op de eigen bankrekening betaalt.

Het zakendoen met een buitenlandse zelfstandige is zonder meer mogelijk, net als bij een Nederlandse zelfstandige. Ik geef u mee om bijzonder kritisch te zijn ten aanzien van de hoedanigheid als zelfstandige. Zorg dat de opdracht en de voorwaarden hierbij zo nauwkeurig mogelijk worden vastgelegd.

WAB uitgelicht | Een Nexit van uitzenders van arbeidsmigranten?

Blog Cicero - MaartenOp 28 mei 2019 heeft de Eerste Kamer de WAB (Wet Arbeidsmarkt in Balans) aangenomen. Een eerste analyse van de gevolgen levert een merkwaardig bijeffect op: Per 01-01-2020 wordt Flex (veel) duurder dan het werken met vaste contracten. Lees meer

Zijn oproepkrachten straks onmogelijk?

Door de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) veranderen de regels rondom oproepkrachten (nul-uren contracten) sterk. Is het werken met oproepkrachten straks nog wel haalbaar en daarmee nog interessant? Lees meer

Blog: Correcte loonbetaling, PayOk helpt!

Het juiste loon betalen aan uw medewerkers. Dat klinkt vanzelf sprekend. Ondernemers in de flexbranche weten dat het correct uitbetalen van hun uitzendkrachten een uitdaging kan zijn. Eentje die men goed wil beheersen. Zeker aangezien er vanuit de politiek en branche steeds meer controle druk is die ondernemingen diep in de portemonnee kan raken. Lees meer

Blog: Welkom bij Bureau Cicero!

Bureau Cicero bestaat uit een groep inspecteurs die controleren op “verplichtingen uit arbeid”. Denk aan: SNA keurmerk, PayOK, AVG Garant, Bovib, enz. Onze inspecteurs willen de inhoud zo goed mogelijk beheersen en daarmee een perfect product neerzetten. Werken neemt een groot deel van de dagelijkse tijd in beslag. Daarom vinden we het bij Cicero belangrijk dat werken leuk en inspirerend is. Bij Cicero inspireren we onze klanten om beter te worden en werken we aan het bereiken van onze doelen. Ieder bouwt op eigen wijze mee aan deze organisatie waar gewerkt wordt met plezier!

Lees meer

Arbeidsovereenkomst of toch een opdrachtovereenkomst?

Het Gerechtshof te Amsterdam heeft op 10 juli 2018 een uitspraak gedaan over de vraag of krantenbezorgers werkzaam bij Persgroep, werkzaam zijn geweest op basis van een arbeidsovereenkomst in plaats van een opdrachtovereenkomst.
De krantenbezorgers hebben met de rechtsvoorganger van de Persgroep een overeenkomt van opdracht gesloten.
Achteraf claimen de krantbezorgers dat ze een arbeidsovereenkomst hadden met de Persgroep in plaats van een opdrachtovereenkomst.

De opdracht die de krantenbezorgers hadden gesloten bestond uit het bezorgen van dagbladen of andere producten op door de opdrachtgever aangegeven adressen. De bezorgopdrachten inzake de ochtendkranten dienden door de weeks vóór 7.00 uur te zijn beëindigd. Er was geen verplichting om de opdrachten persoonlijk te verrichten en de bezorgers konden zich voor eigen rekening door anderen laten vervangen, dan wel laten bijstaan. Indien de krantenbezorgers ziek waren of op vakantie gingen, dienden zij zelf voor vervanging te zorgen.
De krantenbezorgers hebben vervolgens conform deze afspraken arbeid verricht. Achteraf claimen de krachtenbezorgers dat ze een arbeidsovereenkomst hadden met de Persgroep.

De uitspraak:
Het Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst maar van een opdrachtovereenkomst.

De overwegingen hierbij waren:

I. Wat hebben partijen bedoeld toen zij de overeenkomst van opdracht hebben gesloten:

Het Gerechtshof legt dit uit aan de hand van de volgende feiten en omstandigheden.
a. In de overeenkomsten tussen de krantenbezorgers en de Persgroep is expliciet vermeld dat het gaat om overeenkomsten van opdracht als bedoeld in artikel 7:400 BW.

b. Partijen hebben schriftelijk vastgelegd dat ze met het aangaan van de overeenkomst van opdracht uitdrukkelijk niet de bedoeling hebben om een arbeidsovereenkomst te sluiten.

c. Bij het aangaan van de rechtsverhouding stond volgens het Gerechtshof voorop dat de krantenbezorgers betaald werk zochten en dat zij op dat moment weinig belang hadden gehecht aan de aard van de rechtsverhouding die zij op het punt stonden aan te gaan. Het is aannemelijk dat ze achteraf de voorkeur hadden voor een arbeidsovereenkomst.

d. Of partijen bij het aangaan van de overeenkomsten van opdracht al dan niet uitgebreid hebben gesproken over de aard van de overeenkomsten en de gevolgen ervan voor de krantenbezorgers, dan wel dat zij dit al dan niet begrepen uit de tekst van de overeenkomsten, is niet van doorslaggevend belang bij het vaststellen van de partijbedoeling.

II. Op welke wijze hebben partijen uitvoering gegeven aan de overeenkomst van opdracht?

a. De werkzaamheden van de krantenbezorgers zijn zodanig eenvoudig van aard dat specifieke instructies van de Persgroep niet nodig zijn. Voor het bestaan van een gezagsverhouding is niet vereist dat daadwerkelijk aanwijzingen en instructies over de werkinhoud worden gegeven, voldoende is dat dergelijke aanwijzingen kúnnen worden gegeven. Niet blijkt dat de Persgroep werkinstructies heeft kunnen geven die wijzen op een gezagsverhouding. Het Gerechtshof laat doorschemeren dat de navolgende punten daarbij een rol kunnen spelen: voorschriften over kleding, wijze van vervoer of overige gedragsregels.

b. De krantenbezorgers hebben zich altijd mogen laten vervangen zonder dat zij daarvoor toestemming van de Persgroep hoefden. De vrijheid om zich al dan niet, in welke mate en (in principe) door wie dan ook te laten vervangen is vrij ruim. Er gelden wel beperkingen, zo dient een vervanger tijdig bij de Persgroep te worden aangemeld, maar deze meldplicht is slechts gericht op het voorkomen dat de Persgroep in strijd handelt met de Wet Arbeid Vreemdelingen of de Arbeidstijdenwet.

c. Het bezorgen van kranten geschiedt van oudsher op basis van een overeenkomst van opdracht, waarbij het in de praktijk veelvuldig voorkomt dat de bezorger zich voor kortere of langere tijd laat vervangen.

d. Het gaat om arbeid van een tot enkele uren per dag en bij ziekte dienen de krantenbezorgers zelf voor vervanging te zorgen.

Conclusie:
Wanneer er een overeenkomst van opdracht is gesloten en de opdrachtnemers werken ook volgens conform de overeenkomst dan is er geen sprake van een arbeidsovereenkomst in gegeven omstandigheden. De intenties van partijen bij het aangaan van de overeenkomst wegen zwaar in deze uitspraak.
De krantenbezorgers hadden de afspraken duidelijk vastgelegd in een overeenkomst, het betrof zeer eenvoudig werk, de bezorgers konden zich vrij laten vervangen en kregen geen werkinhoudelijke instructies. Deze elementen hebben er voor gezorgd dat de krantenbezorgers geen gelijk hebben gekregen, maar dat zij conform een overeenkomst van opdracht werkten.

Lees hier de uitspraak en de overwegingen van het gerechtshof.

PayOK-keurmerk maakt uitzendbureaus en (onder) aannemers WAS-proof

 

Bureau Cicero heeft een keurmerk ontwikkeld waarmee ondernemingen getoetst worden op de juiste beloning van hun werknemers conform CAO’s. De Stichting PayOK is de norm- en registerhouder. Sinds het in werking treden van de Wet Aanpak Schijnconstructies (WAS) waarin ketenaansprakelijkheid van loon wordt gerangeerd kunnen opdrachtgevers aansprakelijk worden gesteld voor de juiste beloning van werknemers lager in de keten. Zo kan de nabetaling van loon van werknemers in dienst bij een onderaannemer of uitzendbureau voor rekening komen van de opdrachtgever.
Met andere woorden, als een onderaannemer of uitzendbureau niet het juiste loon betaalt “conform cao of inlenersbeloning” kan de werknemer het te weinig ontvangen loon opeisen bij de (hoofd)opdrachtgever. Lees hier meer over het PayOK keurmerk.

NEN 4400-2 nu ook door Bureau Cicero zelf verzorgd

Bureau Cicero is nu ook zelf geaccrediteerd om NEN 4400-2 inspecties uit te voeren

Bureau Cicero is expert op het gebied van risicobeheer omtrent verplichtingen uit arbeid. Deskundigheid omtrent grensoverschrijdend werken is daarbinnen een belangrijk thema.

Het SNA keurmerk bestaat uit de NEN 4400-1 en NEN 4400-2 normen. Wij helpen met onze expertise ondernemingen al jarenlang verder op het thema verplichtingen uit grensoverschrijdende arbeid en hebben ruime ervaring met het inspecteren van de NEN 4400-2 norm vanuit een samenwerkingsverband.

Verheugd kunnen wij u mededelen dat Bureau Cicero inmiddels ook zelf is geaccrediteerd* door de Raad van Accreditatie om NEN 4400-2 inspectie uit te voeren.

In het buitenland gevestigde ondernemingen “die personeel ter beschikking stellen en/of werk aannemen in Nederland” kunnen nu het SNA keurmerk behalen bij Bureau Cicero. Wilt u meer informatie over overstappen, dit is eenvoudig en wordt door ons gefaciliteerd. Neem contact op middels info@cicero.nl of bel 038-7200821 en wij helpen u verder.

* Bureau Cicero is geaccrediteerd onder nummer I225

Waarom een NEN 4400-2 inspectie?
Waarom is het nou goed voor u om NEN 4400-2 geïnspecteerd te zijn?
De belangrijkste redenen zijn:
• De onderneming wordt opgenomen in het register van de Stichting Normering Arbeid
• Het beperken van uw (fiscale en financiële) risico’s
• Wij zijn experts en dragen graag onze kennis op u over
• Kenbaar maken dat u een betrouwbaar bedrijf bent
• U doet mee aan het creëren van een gelijk speelveld

Met het SNA keurmerk NEN 4400-2 inspectie, worden risico’s ten aanzien van arbeid beperkt voor buitenlandse ondernemingen. Het gaat hier om risico’s in het kader van fiscale keten- en inlenersaansprakelijkheid en risico’s op het gebied van illegale tewerkstelling. Met het behalen van het SNA keurmerk / NEN 4400-2 norm geeft de onderneming aan haar opdrachtgevers aan dat de risico’s omtrent fiscale en wettelijke aansprakelijkheid zijn beheerst.

 

Wilt u meer informatie of overstappen, dit is eenvoudig en wordt door ons gefaciliteerd. Neem contact op middels info@cicero.nl of bel 038-7200821 en wij helpen u verder.