Home / Blogs, Specials en Opinie / WAB in 2021: Nieuw pensioen voor de payroll medewerker

WAB in 2021: Nieuw pensioen voor de payroll medewerker

Erik van Ramshorst
Theo van Leeuwen
Payrollmedewerker kan niet meer bij StiPP terecht

Per 1 januari 2020 trad de Wet Arbeidsmarkt in Balans in werking. De payrollmedewerker heeft vanaf dat moment recht op dezelfde beloningsvoorwaarden als de medewerker op de eigen loonlijst van de opdrachtgever. Een oplossing voor de pensioenproblematiek is naar het jaar 2021 verschoven. Per 1 januari 2021 krijgen alle payrollwerknemers recht op een ‘adequaat’ pensioen.

StiPP (Stichting Pensioenfonds voor Personeelsdiensten) biedt deze adequate pensioenregeling op basis van de arbeidsvoorwaarden van de opdrachtgever niet aan. Derhalve kunnen payrollwerknemers per 2021 niet langer deelnemen bij StiPP. Hiermee vervalt onder andere ook de referte periode van 26 weken die bij StiPP geldt en hebben payrollers recht op een adequate pensioenregeling, waarin bijvoorbeeld ook het nabestaandenpensioen is opgenomenDe payroll organisatie moet daar nu mee aan de slag om zo tijdig per 2021 invulling te geven aan de pensioenverplichting voor alle payrolkrachten.

Wat betekent dit nu concreet voor de payroll organisatie?

Vóór 1 januari 2021 moet er een vervangende pensioenregeling voor de payrollwerknemer(s) geregeld worden. Daarvoor zijn er twee opties:

  1. Payrollmedewerkersdoen mee aan de pensioenregeling van de inlener waar zij op dat moment werken.
  2. Payrollmedewerkers krijgen een eigen adequate pensioenregeling die voldoet aan de gestelde eisen.

Alvorens er een keuze gemaakt wordt dient de aansluiting bij StiPP beëindigd te wordenWordt dit niet gedaan, dan loopt de aansluiting door en bestaat het risico op een dubbele aansluiting en betalingsverplichtingBij afmelding dient een verklaring ingevuld te worden. Meer informatie hierover vindt u op https://www.stippensioen.nl/werkgever/pensioen-bij-stipp/payroll/.

Payrollwerknemers doen mee aan de pensioenregeling van de inlener waar zij werken

Als gekozen wordt om de payrollwerknemers te laten toetreden tot de pensioenregeling van de inlener dan betekent dit:

  1. Voorafgaand overleg met de pensioenuitvoerder of dit mogelijk is: diverse pensioenfondsen hebben aangegeven om hun regeling niet open te stellen voor payroll medewerkers.
  2. Complexe personeels- en loonadministratie voor de payroll ondernemer: verschillende pensioenkosten per inlenerdiverse regelingen voor de eigen bijdrages van de werknemer en daarmee ook verschillende kostprijsberekeningen en verschillende uurtarieven.
  3. Een gelijke pensioenregeling voor alle “medewerkers” bij de inlener, dus ook voor de payroll medewerkers.
  4. Een grotere lappendeken aan pensioenopbouw voor de payroll medewerker: nadelige pensioeneffecten als hij van “inlener” wisselt, immers op diverse plaatsen kleine opbouw van rechten en ook hogere (beheers)kosten.
De payroll onderneming zorgt zelf voor een adequate pensioenregeling

Kiest de payroll  onderneming ervoor om zelf een pensioenregeling te treffen, dan moet deze voldoen aan een aantal voorwaarden:

  1. De payroll medewerker neemt vanaf de eerste werkdag deel aan deze pensioenregeling en bouwt hiermee vanaf de eerste dag rechten op.
  2. De pensioenregeling kent ook dekking voor een nabestaandenpensioen
  3. De premie voor het pensioen is minimaal gelijk aan de ‘normpremie’, deze is in de wet vastgelegd en wordt jaarlijks herberekend (nu 14,6%)[ 1 ].
  4. De normpremie mag u NIET doorberekenen aan werknemers.
Welk van deze regelingen heeft de voorkeur?

De keuze welke regeling het best bij de payroll onderneming past is afhankelijk van een mix van de volgende basis factoren:

  1. Wat willen mijn opdrachtgever(s) en wat willen wij als payroll onderneming aan onze payroll medewerkers bieden.
  2. De administratieve lasten en de complexiteit van de uitvoering.
  3. In hoeverre worden de kosten van de pensioenregeling en de uitvoering ervan door de opdrachtgever betaald.

Het is goed mogelijk dat de payrollondernemer en de inlener samen daar een bepaalde gedachte over hebben. Het is verstandig om tijdig met elkaar in gesprek te gaan om zo te beoordelen wat het beste past en of de kosten van de uitvoering passen binnen de bestaande of nieuwe tariefafspraken. Neem daarbij ook de administratieve lasten in oogschouw.

Uiteindelijk moet het antwoord op onderstaande vragen inzicht geven op de vraag wat voor pensioen u als payroll onderneming, in samenspraak met uw opdrachtgever aan uw medewerkers wil geven en wat de administratieve lasten daarvan zijn:

  • Bij hoeveel ondernemingen zijn payroll medewerkers geplaatst?
  • Worden payroll medewerkers in één of in een beperkt aantal branches geplaatst?
  • Als er sprake is van veel wisselingen van payroll medewerkers tussen diverse branches en daarmee verschillende pensioenregelingen dan leidt dit tot opbouw  van meerdere kleine pensioentjes en veel administratieve lasten.
  • Hoeveel verschillende pensioenregelingen zijn er van toepassingen bij opdrachtgevers van de payroll onderneming?
  • Onderzoek de kosten (voor werkgever en de eigen bijdrage werknemer) van de pensioenregelingen van de inleners en vergelijk deze met de “normpremie” van de nieuwe systematiek binnen de WAB.
  • Hoe verhoudt een eigen, adequate, pensioenregeling zich tot de regeling bij de opdrachtgever?
  • Ten opzichte van het pensioenfonds StiPP betekent aansluiting bij de pensioenreling van de inlener of de “normpremie” een stijging van de kosten. In de vergelijking met bedrijfstakpensioenfondsen is de “normpremie” gemiddeld genomen een gunstig alternatief.
  • Meerdere verschillende pensioenregelingen betekent meer administratieve lasten en een grotere foutkans.

Een goede en tijdige voorbereiding op bovenstaande onderzoeksvragen is fundamenteel om tot een goede beslissing te komen. Dit blijkt in de praktijk lastig, zorg ervoor dat u goed advies en hulp bij de implementatie inwint bij een expert.  

Heeft u vragen over dit blog? Of bent u geïnteresseerd in de toetsingen die wij kunnen uitvoeren? Neem dan direct contact met ons op via e-mail contact@cicero.nl of bel ons op 038 7200821.

1. Het percentage van de normpremie is 14,6% van het pensioengevend salaris (PG=het salaris -/- de minimale AOW franchise 14.167). StiPP heeft een totale premie van 12%, 8% werkgever en 4% werknemer Het StiPP hanteert een maximum salaris van 57k, het dagloon. het pensioen voor het payroll bedrijf hanteert alleen het fiscaal maximale pensioen gevende salaris van 110.111.